From the Blog

Uitspraak in de zaak “installatiekosten gashaard”

Consument heeft een gashaard gekocht bij de ondernemer. Daarbij is eveneens de opdracht overeengekomen de haard te installeren. In de offertes die aan deze opdracht vooraf zijn gegaan, staat telkens de volgende standaardzin bij de prijsopgave voor de installatiekosten: “prijs wordt definitief bepaald nadat onze monteur de situatie ter plaatse heeft bekeken”.: “prijs wordt definitief bepaald nadat onze monteur de situatie ter plaatse heeft bekeken”. De consument heeft na de installatie een factuur van het installatiebedrijf gekregen waarop een een lager totaalbedrag staat vermeld dan in de orderbevestiging. De consument weigert het op de orderbevestiging genoemde bedrag te betalen, nu de kosten kennelijk lager zijn uitgevallen.

 

Standpunt consument:

De consument stelt dat hij er op mocht vertrouwen dat de factuur, overhandigd door de installateur, de werkelijke installatiekosten weergaf. De consument beroept zich op de hierboven genoemde standaardzin en de omstandigheid dat er volgens hem op de dag van de installatie voor een alternatieve wijze van installeren is gekozen, die volgens hem eenvoudiger is.

 

Standpunt ondernemer:

De ondernemer stelt zich op het standpunt dat een bedrag  voor de installatie is overeengekomen en dat er geen omstandigheden zijn die aanleiding geven de prijs te verminderen. De standaardzin is opgenomen op de offerte omdat de installatiekosten doorgaans worden ingeschat waarna een installateur de in de offerte geschetste situatie toetst aan de werkelijke situatie ter plaatse. Dit kan in gevallen leiden tot een wijziging van de installatiekosten.

In het onderhavige geval zijn de installatiekosten (in de offertefase) eenmaal naar boven bijgesteld. De klant heeft in het licht van deze prijswijziging een nieuwe offerte gekregen. Op deze offerte stond wederom dezelfde standaardzin vermeld. De ondernemer geeft aan op dat moment de kosten definitief te hebben berekend en het lag om die reden niet voor de hand dat de prijs nogmaals zou worden aangepast.

De ondernemer wijst daarbij op de omstandigheid dat de consument doorgaans niet een factuur van de installateur ontvangt en de installatiekosten (achteraf) per bankoverschrijving aan de ondernemer dienen te worden voldaan. Ondernemer reserveert een marge voor de kosten die zij zelf maakt in de voorbereidende fase. Deze werkzaamheden bestaan uit offertekosten, kosten voor het maken van schetsen en tekeningen en de kosten die gemoeid zijn met het aansturen van de installateurs.

 

Samenvatting overwegingen beoordelaar DigiDispuut:

In de offerte staat vermeld dat de werkelijke kosten ter plaatse worden bepaald door de installateur. Zo mocht de consument er gerechtvaardigd van uit gaan dat de kostenspecificatie die hij van de installateur ontving de daadwerkelijke kosten zouden weergeven.

Een en ander had anders gelegen als de eerder genoemde standaardzin niet op de tweede offerte was geplaatst. Er was dan een overeenkomst tot stand gekomen waarbij de consument niet langer mocht uitgaan van een prijsbepaling op basis van nacalculatie.

Hoewel de beoordelaar het aannemelijk vind dat de ondernemer bepaalde kosten in het voorwerk heeft gemaakt en het reserveren van een zekere marge op de installatiewerkzaamheden niet per definitie onbillijk is, moet de beoordelaar tot de conclusie komen dat in dit geval de installatiekosten op rekening van de ondernemer moeten blijven.

 

Beslissing beoordelaar:

De ondernemer crediteert het in het bindend advies genoemde bedrag aan de consument ten titel van ‘minderwerk’. Met de betaling van de installateur zijn de haard en de installatie betaald.

 

De volledige uitspraak is hieronder te downloaden.

Uitspraak in de zaak “installatiekosten gashaard

Have your say

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.